Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Soerah an-Nazi'aat 79 (Zij die (samen)spannen)

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down  Bericht [Pagina 1 van 1]

Laila

avatar
United Community Elite
United Community Elite
Dit hoofdstuk ontleent zijn naam aan de beschrijving van de gelovigen als degenen, die ten einde spannen. Dit doelt op de latere oorlogen en het spannen van bogen, en duidt dus aan, dat de val der ongelovigen, de beslissing over hen, waarover het vorige hoofdstuk handelt, in oorlogen zou worden bewerkstelligd. Het lot van Farao, die verdronken werd toen hij de Israëlieten vervolgde, wordt vermeld, terwijl de tweede paragraaf, na wederom van de Goddelijke weldaden gewag te hebben gemaakt, van de zekerheid der straf zowel in het hiernamaals als in dit leven spreekt.

Laila

avatar
United Community Elite
United Community Elite
Biesmiellaahier - Rahmaanier - Rahiem.

In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle.

Paragraaf 1 De grote Beving.

1. WaalnnaziAAati gharqan

2. Waalnnashitati nashtan

3. Waalssabihati sabhan

4. Faalssabiqati sabqan

5. Faalmudabbirati amran

6. Yawma tarjufu alrrajifatu

7. TatbaAAuha alrradifatu

8. Quloobun yawma-ithin wajifatun

9. Absaruha khashiAAatun

10. Yaqooloona a-inna lamardoodoona fee alhafirati

11. A-itha kunna AAithaman nakhiratan

12. Qaloo tilka ithan karratun khasiratun

13. Fa-innama hiya zajratun wahidatun

14. Fa-itha hum bialssahirati

15. Hal ataka hadeethu moosa

16. Ith nadahu rabbuhu bialwadi almuqaddasi tuwan

17. Ithhab ila firAAawna innahu tagha

18. Faqul hal laka ila an tazakka

19. Waahdiyaka ila rabbika fatakhsha

20. Faarahu al-ayata alkubra

21. Fakaththaba waAAasa

22. Thumma adbara yasAAa

23. Fahashara fanada

24. Faqala ana rabbukumu al-aAAla

25. Faakhathahu Allahu nakala al-akhirati waal-oola

26. Inna fee thalika laAAibratan liman yakhsha

XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

1 Bij hen die zich volledig inspannen,

2 En bij hen die hun werk met vreugde verrichten,

3 En bij hen die snelle vorderingen maken,

4 En bij hen die de eersten willen zijn

5 En bij hen die de zaak regelen. 1377

6 De Dag waarop de bevende (aarde) zal beven,

7 Hierop zal volgen, wat volgen moet. 2378

8 Op die Dag zullen de harten kloppen.

9 En de ogen zullen neergeslagen zijn.

10 Zij (de ongelovigen) zeggen: "Zullen wij werkelijk tot onze vroegere toestand worden teruggebracht,

11 Zelfs al zijn wij vergane beenderen geworden?"

12 Zij zeggen: "Dan zou deze opstanding een ondergang zijn."

13 Daar is slechts één dreigende roep.

14 En ziet, zij dan opgewekt.

15 Heeft het verhaal van Moesa (a.s.) u niet bereikt?

16 Toen zijn Heer hem in het heilige dal van Towa toeriep, (zeggende):

17 "Ga naar Farao; want hij is opstandig.

18 En zeg tot hem: Zoudt gij u willen reinigen?

19 En ik zal u tot uw Heer leiden opdat gij Hem moogt vrezen."

20 Toen toonde hij hem (Farao) het grote teken,

21 Maar deze verwierp het en gehoorzaamde niet;

22 Maar wendde zich daarna haastig af.

23 En hij (Farao) verzamelde de zijnen en riep uit:

24 (Zeggende), "Ik ben uw Heer de Allerhoogste."

25 Daarop greep Allah hem aan met een voorbeeldige straf voor de toekomst en voor die tijd.

26 Waarlijk daarin is een les voor hem die vreest.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

1377 Het begin van de eerste Makkaanse soera’s maakt zeer dikwijls een profetische toespeling op latere Madinese gebeurtenissen, het plaats grijpen waarvan dus als een bewijs van de waarheid dier vermeldingen diende. Degenen die ten einde spannen zijn de boogschutters; degenen die levendig voortgaan zijn de pijlen; degenen die gezwind lopen en vooruitlopen zijn de paarden en degenen die de zaak regelen zijn of de engelen of de leiders, die macht hebben, daar de zaak, zoals de daarop volgende verzen aantonen, ongetwijfeld de overwinning der Moeslims en de nederlaag van de vijand is. Deze woorden kunnen echter ook op geestelijke vooruitgang slaan, of in het algemeen op succes in welke zaak ook; in het eerste geval zijn de spanners dan degenen, die zich uit zijn lusten trekken, en levendig voortgaan tot Allah (vs. 2) en zo verder; in het tweede geval is de eerste trap die, waarop men zich in een zaak verdiept (van gharq, dat zinken betekent); de tweede is die, waarop men ze blijmoedig aanpakt, en de derde is die, waarop men snel handelt; ten gevolgde daarvan lopen zulke personen anderen vooruit (vs. 4) en zijn zij in staat om hun zaken te leiden (vs. 5).

1378 Het beven der aarde duidt de grote bewegingen aan, die plaats grijpen, voordat de verandering tot stand wordt gebracht, en wat naderhand geschieden moet is het gevolg of de ondergang der tegenstanders en de overwinning der gelovigen.

Laila

avatar
United Community Elite
United Community Elite
Paragraaf 2 De grote Ramp.

27. Aantum ashaddu khalqan ami alssamao banaha

28. RafaAAa samkaha fasawwaha

29. Waaghtasha laylaha waakhraja duhaha

30. Waal-arda baAAda thalika dahaha

31. Akhraja minha maaha wamarAAaha

32. Waaljibala arsaha

33. MataAAan lakum wali-anAAamikum

34. Fa-itha jaati alttammatu alkubra

35. Yawma yatathakkaru al-insanu ma saAAa

36. Waburrizati aljaheemu liman yara

37. Faamma man tagha

38. Waathara alhayata alddunya

39. Fa-inna aljaheema hiya alma/wa

40. Waama man khafa maqama rabbihi wanaha alnnafsa AAani alhawa

41. Fa-inna aljannata hiya alma/wa

42. Yas-aloonaka AAani alssaAAati ayyana mursaha

43. Feema anta min thikraha

44. Ila rabbika muntahaha

45. Innama anta munthiru man yakhshaha

46. Kaannahum yawma yarawnaha lam yalbathoo illa AAashiyyatan aw duhaha

XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX

27 Zijt gij moeilijker te scheppen dan de hemel die Hij heeft gebouwd?

28 Hij verhief hem hoog en maakte hem volmaakt.

29 En Hij maakte de nacht donker en bracht het daglicht voort;

30 En ook de aarde spreidde hij uit:

31 Daaruit bracht Hij water en weide voort.

32 En Hij maakte de bergen onwrikbaar.

33 Een voorziening voor u en voor uw vee.

34 Maar als de grote ramp zal komen, 1379

35 De Dag waarop de mens zich zal herinneren hetgeen hij heeft gedaan,

36 En de hel zal zichtbaar gemaakt worden voor hem die ziet.

37 Dan zal (voor hem) die opstandig is geweest,

38 En die het leven dezer wereld verkoos,

39 Brandend Vuur zijn tehuis zijn.

40 Doch voor hem die vreesde voor zijn Heer te staan, en die zijn ziel van begeerten onthield,

41 Zal het paradijs zeker zijn verblijf zijn.

42 Zij vragen u omtrent het Vuur: "Wanneer zal het komen?"

43 Maar datgene waarmede gij u bezighoudt

44 De uitkomst daarvan is bij uw Heer.

45 Gij zijt slechts een waarschuwer voor hem die vreest.

46 Op de dag waarop zij dit zullen zien, (zal het zijn) alsof zij slechts een avond of een morgen (op de aarde) hadden vertoefd.

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

1379 De overheersende ramp is zowel op de omverwerping van de macht der tegenstanders in dit leven van toepassing, als op hun straf in het leven hiernamaals.

Gesponsorde inhoud


Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven  Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum